Corona

En toen was er corona. En ook al wist ik dat het nooit echt was weggeweest, toch schrok ik er weer van. Want ik wilde natuurlijk heus wel voorzichtig doen, maar ook ik zat zonder mondkapje in de bus, ging uit lunchen met collega’s, borrelde gezellig mee en liet me niet onbetuigd bij een potje Dalmutti bij ons thuis met aangewaaide pubers. Ook ik ging mee in dat collectieve gevoel dat het weer kon, weer mocht, en dat we veilig waren.
Hoe vaak had ik niet een wattenstaafje diep in een snotterig neusgat gestoken, om dan te constateren dat er niets aan de hand was. Eén streepje, zie je wel. Je mag gewoon naar buiten. Corona leek steeds meer op een nare herinnering. Iets van toen, o ja, zo ging dat destijds. Lees verder “Corona”

lovesong

“Mag het licht uit?!’ klonk het uit duizenden kelen in de Ziggo dome.
Terwijl iedereen natuurlijk wel wist dat zometeen het licht in de zaal juist zou aangaan, na deze allerlaatste toegift.
We waren bij het afscheidsconcert van De Dijk. Niet hun allerlaatste, wel de laatste waar ik bij zal zijn. Vriendin W had kaartjes weten te scoren en samen met vriendin A togen we die zaterdagavond naar de concertzaal. Het einde van een traditie, die altijd begon met een sprongetje van mijn hart als ik zag dat ze weer in de buurt waren, en meestal eindigde met een berichtje van deze of gene of ik zin had om te gaan.
Deze keer had ik geen zin. Ik had nergens zin in, de hele week al niet. Misschien zelfs de hele maand al niet. Niet in De Dijk, niet in de dag, niet in het leven. Lees verder “lovesong”

File

Ik had opgezien tegen deze dag, vanwege de lange rit die we nog voor de boeg hadden. Door een gepland uitje op de terugweg kwam het zo uit dat de laatste dag de grootste afstand moest worden overbrugd. Ik had geanticipeerd op een stijve nek, moeie benen en hoofdpijn van het ingespannen opletten.
Maar, hield ik mezelf voor, het was maar één dag en dan zouden we weer lekker in ons eigen huis zijn, met ons eigen lekkere bed, de vertrouwde poezen om ons heen en onze eigen ruimte.
En als we maar genoeg pauzes namen zouden we het heus wel overleven. Lees verder “File”

Afscheid

Als ik aan de laatste keer dat we in Zweden waren en afscheid namen van mijn broer denk zie ik twee dingen voor me: de parkeerplaats waarop we elkaar gedag zeiden, en de brug van Zweden naar Denemarken. Beide plaatsen zijn troebel door de tranen. Vooral bij de brug kan ik het gevoel duidelijk oproepen dat ik destijds had: dat ik wegreed bij mijn familie, hen achterliet en de bloedband door afstand beetje bij beetje verder oprekte.
Het slaat nergens op. De parkeerplaats klopt. Ik zie ons er nog staan.
We komen er deze vakantie iedere dag langs. De eerste keer riep de kleine puber: hier gingen we de vorige keer afscheid nemen. En jij moest huilen, mam!
Maar die brug, dat was een andere keer, jaren eerder. De laatste keer gingen we immers met het vliegtuig en reden we dus in onze huurauto naar het vliegveld in Oslo. We zagen de brug misschien vanuit de lucht, maar dat herinner ik me niet eens. Lees verder “Afscheid”

Terug

Iedere vakantie merk ik het weer: de laatste dagen ben ik in gedachten alweer bezig met de terugreis. Na hoelang rijden zullen we ongeveer stoppen? Wat nemen we mee voor onderweg in de auto? Zal alles wel in de achterbak passen? We hebben immers zoveel dingen bijgekocht. Zal ik anders dat ene shirt waar al wat kleine gaatjes in zitten en nu ook nog die vlek die er na het wassen niet uit is gegaan, maar hier laten, in de vuilnisbak?
Soms gaan de gedachten zelfs nog verder, naar het thuisfront. Moeten we de dag na terugkomst meteen naar de buurtsuper? Hoe zou het met de poezen zijn? Ben benieuwd of er nog leuke post is gekomen. Lees verder “Terug”

Pippi

Zoals je zou verwachten rijden hier nogal wat Volvo’s rond. Hoe kan het ook anders, in de stad waar een grote Volvo-fabriek staat en waar je langs de weg zelfs het bordje kunt zien dat de weg wijst naar de Volvo gods. Nu weet ik best dat dat iets anders betekent maar in gedachten zie ik steeds een spierwit exemplaar staan, met gouden vleugels aan de zijkant en sterren op de wieldoppen. Lees verder “Pippi”

Stilte

Uitgerekend op de dag die begint met een foto van een rouwkaart via whatsapp beland ik op een begraafplaats. De moeder van mijn overbuuv is overleden. Niet geheel onverwacht en ook niet op piepjonge leeftijd, maar toch een bericht dat binnenkomt.
Ik ben een rondje aan het lopen en ineens is het daar; de kerk met de goed verzorgde graven eromheen. Hoe toepasselijk. Lees verder “Stilte”

Herinneringen

Prachtige vergezichten, in welke richting ik ook kijk. Niet alleen onderweg, maar ook als we ergens neerstrijken en de pubers niet kunnen wachten om in het water te plonzen. Het schier oneindige meer met in de verte de hoge bomen onder een lichtblauwe lucht. De wolken die langzaam overdrijven zijn geen voorbode van regen, maar dienen alleen om het blauwste blauw te benadrukken, de grootsheid van dit alles en hoe nietig wij eigenlijk maar zijn, als mensen. Lees verder “Herinneringen”

Treintje

We hebben het woord “Lunch” verstaan, maar dat is ook het enige. En misschien was het niet eens “lunch” maar iets dat er alleen maar op lijkt en dat onze Nederlandse oren hebben omgezet in een woord dat we tenminste herkenden. Feit is dat de chauffeur van het toeristentreintje waar we in zitten is uitgestapt en naar het theehuis is gelopen. Lees verder “Treintje”