Rode draad

‘We worden Peter R. de Vriesjes,’ zegt mijn lief, als ik mopper over hoe knullig de politie in de serie die we kijken te werk gaat. Hij doelt op een opmerking van de misdaadverslaggever dat hij zich altijd kapot ergert aan hoe politiewerk wordt uitgevoerd op tv. Het moet kloppen en anders hoeft het voor hem niet. Nou ben ik geen kenner van de politiemethoden in Spanje, Noorwegen, Zweden, Mexico of vul maar in, dus hoe het er in die landen aan toegaat weet ik niet, maar voor mij moet het in ieder geval geloofwaardig zijn. En een modellenmooie inspecteur die met een nadenkend gezicht voor zich zit uit te staren en drie dagen na de moord nog aan het overleggen is of ze de hoofdverdachte vanwege de publiciteitsgevoeligheid nu wel of niet moeten ondervragen, is dat zeker niet. “Rode draad” verder lezen

Fantasie

‘Een slak! Mama, kijk! Een slak!’

Het jongetje bij de bushalte springt opgewonden op en neer en trekt aan de lange jas van zijn moeder. ‘Een slak! Het is een slak!’

Ik heb het gezin wel vaker gezien, de moeder die meestal in een voor mij niet verstaanbare taal met haar kinderen spreekt, een klein jochie en twee iets grotere meiden. Ze gaan altijd vroeg met de bus, ze staan er al voor het licht wordt. Waar ze precies naar toe gaan is me niet duidelijk, ze stappen niet altijd bij dezelfde halte uit. Het is in ieder geval altijd een hele onderneming, hun reis, waar een uitpuilende buggy, verschillende rugtasjes en veel jassen en sjaals en handschoenen aan te pas komen. “Fantasie” verder lezen

Honderdtwintig

Het was derde kerstdag en we gingen naar het theater. Experimenteel theater dan, in een oude drukkerij. In sommige ruimtes was het zo koud dat de uitgedeelde dekentjes geen overbodige luxe waren. Van de vijf voorstellingen bleef een in mijn hoofd rondspoken, een luisterevenement waarbij alle deelnemers kris kras in de ruimte mochten gaan zitten en een verhaal te horen kregen over mensen die al hun hele leven op één plek woonden. Een man van vierennegentig woonde nog in het huis van zijn jeugd, het huis dat stand had gehouden ook al werden om hem heen nieuwe appartementencomplexen en winkels gebouwd. Het deed me denken aan een kinderboek waaruit ik de mientjes vroeger voorlas, over een klein  huisje in een alsmaar groter wordende stad. Of aan de film UP, met de knorrige oude man die van geen wijken weet. “Honderdtwintig” verder lezen

Wakker

J is jarig, zie ik, op de kalender in de wc. Ik ben me er waarschijnlijk nog eerder van bewust dan hij. Het is zeven uur ’s ochtends op zaterdagochtend en de hele wereld ligt nog te slapen. Behalve ik. Ik ben wakker, ziekjes, moe en beneden. Het was laat gisteravond en we hadden geen zin in opruimen, dus de keuken is een puinhoop. Ik heb alle tijd om dat te verhelpen voordat er van mijn huisgenoten enig teken komt. Ik kan de financiën ook meteen wel even doen. Voor de krant is het nog te vroeg, maar mijn ogen zijn toch te waterig voor die kleine lettertjes. “Wakker” verder lezen

Brein

Ik heb een reputatie. Een niet al te jofele, maar beter iets dan niets. Ik vermoed serieus dat sommige mensen een beetje bang voor me zijn. In ieder geval vinden ze dat ik een zieke geest heb. Op zijn minst. “Brein” verder lezen

VIP

We gingen voor de VIP behandeling, Mien en ik. Niet in een sauna of een of andere wellness-experience, maar bij de gemeenteraad. Het kwam door een mail die ik eens aan de afdeling communicatie had gestuurd, of we niet een keer mochten komen kijken. Dat mocht. Dat mag sowieso altijd, maar in onze gemeente hebben ze daarnaast ook wat ik zelf dan maar noem het VIP-pakket, waar we na mijn mail natuurlijk subiet voor werden uitgenodigd.
We werden hartelijk ontvangen, mochten koffie en thee pakken en daarna op gereserveerde plaatsen aanschuiven. “VIP” verder lezen

Licht

Voor het verkeerslicht waar je meestal zonder problemen door rood kunt fietsen, omdat het alleen de in- en uitrit van het politiebureau betreft en het licht alleen op rood staat vanwege de eventuele mogelijkheid dat iemand die kant op wil, staan ineens een stuk of vier mensen braaf te wachten. Al snel wordt me duidelijk waarom: niet alleen komt er deze keer toevallig wel een auto aan, het is ook nog eens een politiebusje.
Een busje vol politievrouwen is het. De dame achter het stuur zet de bus pontificaal dwars voor de fietsers, draait haar raampje open en roept met kraaiende stem: ‘Ja! Allemaal geen licht aan!’ “Licht” verder lezen

Sint Maarten

Een heleboel dingen worden relaxter als je kinderen groter worden. Zo sta ik tegenwoordig nooit meer met een overvolle boodschappenkar in de supermarkt, jonglerend met mijn bonus- en airmileskaart in de ene en de portemonnee in de andere, onderwijl met een elleboog de maxicosi op de kar in balans houdend, terwijl iemand aan mijn jas trekt en op een luide toon die geen tegenspraak en zeker geen uitstel duldt meedeelt: ‘Ik moet poepen’.
Toegegeven, een heleboel dingen worden ook a-relaxter als je eenmaal pubers in huis hebt. Onbekommerd door de kamer dansen, luidkeels verkondigen dat moeders alles weten (vroeger werd er instemmend geknikt, nu valt hoongelach mij ten deel), keihard zingen in de auto. Wat voorheen als grappig, stoer en gaaf werd beschouwd levert nu alleen rollende ogen en snoeihard commentaar op. “Sint Maarten” verder lezen

Ziek geweest

De eerste keer naar buiten na een week ziek thuis heeft de wereld altijd iets fris, iets nieuws. Alsof alles heeft stilgestaan, heeft gewacht tot jij er eindelijk weer aan kon deelnemen. Natuurlijk ben je niet helemaal van de buitenwereld afgesloten geweest. Je lief en kinderen gingen en kwamen terug met verhalen over school, werk en files. En tussen de hazenslaapjes en de momenten van wezenloos voor je uitstaren door, lonkte Netflix met zijn series en films over mensen in de wereld daarbuiten, zo ver verwijderd van jouw comfortabele bank, je dekentje en je vitaminepillen. “Ziek geweest” verder lezen

Boney M

Er gaan dagen voorbij dat ik geen enkele gedachte wijd aan Boney M, zinnig of onzinnig. Toch duikt de groep de laatste tijd ineens te pas en te onpas op in mijn leven. Eerst lag Grote Mien samen met een vriend in een deuk om de just dance-versie van Raspoetin en de gekke dansjes die erbij horen. Nu krijgt ze The rivers of Babylon niet uit haar hoofd sinds ze het instrumentaal heeft horen spelen. En ik daarmee ook niet. “Boney M” verder lezen