Dansen

Het rommelhok moet leeg. We weten het al sinds ik voor het eerst met de aannemer heb gesproken die de badkamer komt maken. Hij zag mogelijkheden om de kamer van de puber eindelijk van een deur te voorzien en tegelijkertijd wat groter te maken. Daarvoor moet alleen wel het rommelhok worden ontmanteld, en dus eerst leeggeruimd. Het is zo’n klus die je in je achterhoofd houdt. Zo’n “O-ja-klus” die ook nog moet. Ooit. Over een tijdje. Al snel. Nu. “Dansen” verder lezen

Veilig

Toen ik klein was werd, zodra het buiten koud werd, ons winterdekbed tevoorschijn gehaald. Het was een loodzwaar ding, met echte veren erin, die soms door het tijk heenprikten, zodat je de pennen van de veertjes kon voelen. Iedere ochtend bleek rond je voeten een enorme berg dekbed te zijn ontstaan en lag je met je bovenlijf alleen onder de nagenoeg lege hoes. Het opschudden was een enorme klus. Vaak vonden mijn ouders dat we dat als kinderen maar zelf moesten doen, maar als zij het deden was het resultaat altijd beter.
In november, als het zo kon stormen, lag ik in mijn bed te luisteren naar de wind die om het huizenblok heen raasde, omringd door die veren, en met het vertrouwde gevoel van het gewicht op mij. En ik wist dat ik veilig was. Buiten, nee daar moest je je niet wagen. Maar ik was binnen, thuis, in het huis dat zijn warme armen om me heen had geslagen en me beschermde tegen alles wat daar buiten allemaal mis kon zijn. “Veilig” verder lezen

Kniepertjes

Het uitstellen heeft ze niet van een vreemde en ik kan haar daarom ook nauwelijks kwalijk nemen dat het hele goede-doelen-project van school in de aller-allerlaatste week moest plaatsvinden, daarmee gedoe, rotzooi en stress veroorzakend.
Had ik niet net deze week een opdracht ingeleverd voor een cursus op de laatste dag voor de deadline, terwijl die opdracht al in november was gegeven? En hoe vaak sloeg ik pas een studieboek open als het echt echt niet anders kon? “Kniepertjes” verder lezen

Lek

Mijn dag was misschien ook wel te optimistisch volgepland, met werkafspraken vlak voor en na een privé-afspraak, en daarna de puber wegbrengen en in één moeite door naar kantoor voor een klus die alleen face-to-face kon worden afgehandeld. Er moest niets fout gaan, maar waarom zou dat ook? “Lek” verder lezen

Zo’n dag

Zo’n dag was het. Zo’n rare dag, waarin alles weer eens anders liep dan ik had gedacht.
Een vrije dag, die ’s morgens nog als een uitgestrekte hoeveelheid oningevulde tijd voor me lag.
Die al vanaf het begin met een-nul achterstond, omdat ie begon met zo’n nacht vol wakker liggen en malen. Over de tuin, verhalen, mijn werk. Over de kinderen, de school en gek genoeg over recepten voor het avondeten.

Een dag vol goede voornemens over wandelen en joggen, waar niets van terechtkwam. Halverwege mijn rondje werd ik gebeld over iets serieus waardoor ik in één klap het ritme kwijt was. De vriendin met wie ik zou wandelen was aan huis gekluisterd wegens de levering van een huishoudelijk apparaat. Het voelde bijna alsof het Universum me iets wilde duidelijk maken. “Zo’n dag” verder lezen

Tuingedoe

Deze keer was het gedoe zelf veroorzaakt, en het was leuk gedoe. Maar niettemin gedoe.
De tuinman met wie ik al eeuwen geleden een afspraak had gemaakt belde: deze keer ging het door, nu echt. We waren al tegen niet-bestelde tegels, een hernia en vorst aangelopen, maar nu zat niets dan meer tegen en gingen ze werkelijk beginnen. Met vier man sterk maar liefst. “Tuingedoe” verder lezen

Pas

Het paspoort is er. Het nagelnieuwe, nooit eerder vertoonde paspoort waarop de nieuwe naam van de puber pontificaal prijkt.
Het was wat Wobke Hoekstra misschien een ‘tangverlossing’ zou noemen, want het ging niet zonder slag of stoot.
Na ons eerste leuke contact in de geboortegemeente van de puber, bleek onze eigen gemeente te vinden dat de vrolijke mevrouw die ons had geholpen het niet helemaal goed had gedaan. Er was iets mis met de akte en daarom konden ze ons niet verder helpen. Jammer maar helaas. En of we maar contact wilden opnemen met die andere gemeente.
We lieten ons teleurgesteld wegsturen. Eenmaal thuis, ja, toen wist ik wel wat ik had moeten zeggen. Wat was er dan precies niet goed gegaan? En wat moest ik tegen de gemeente-ambtenaar zeggen als die vroeg wat hij of zij aan de akte moest wijzigen, als ik zelf niet eens wist waarom die niet goed genoeg was? En had de gemeente niet beter zelf even kunnen bellen, als collega’s onder elkaar?
Maar dat was thuis, en niet aan de balie waar mijn assertiviteit beter van pas was gekomen. “Pas” verder lezen

2021

Dat was hem dan, 2021.
Het eerste volledige kalenderjaar dat mijn lief niet heeft meegemaakt.
Het jaar waarin we zijn eerste sterfdag herdachten. Het jaar waarin alle eerste keren achter de rug waren. De eerste verjaardagen, kerst, onze trouwdag. Het jaar ook, waarin we merkten dat de rouw niet over is als “alle seizoenen er een keer overheen zijn gegaan”. En het jaar waarin we ons realiseerden dat niet iedereen dat weet, dat het niet voorbij is, dat het nog net zo rauw, vers en schrijnend aanvoelt.
Het jaar waarin bekenden vrienden werden. Waarin de mensen die niet zo naïef dachten “dat het nu maar eens voorbij moest zijn” steun boden als we het het meest nodig hadden. “2021” verder lezen

Alles

Ineens was het alles, alles was het.
Het gedoe rond het nieuwe paspoort van de puber, waardoor het leek alsof het domweg niet zo mocht zijn, omdat er telkens iets misging. De examenstress. De blessure van de puber die erger leek dan het zich eerst liet aanzien. Iemand tegenkomen tijdens het wandelen die me herinnerde aan de herdenkingsdienst die nog steeds niet heeft kunnen plaatsvinden. Hoe leeg en kaal de uitvaart van mijn lief was. Hoe akelig het was om op de parkeerplaats van het crematorium afscheid te moeten nemen. Hoe we daar stonden, op die parkeerplaats, terwijl we de auto met daarin mijn lief zagen wegrijden. Het was al lopend huilen, midden op straat, bij de herinnering. “Alles” verder lezen