Regen

De regen valt losjes uit de hemel als we vertrekken naar onze volgende vakantiebestemming. Gelukkig niet zo hard dat het zicht ernstig belemmerd wordt, maar hard genoeg om medelijden te hebben met de fietsers en voetgangers die we passeren. Niet dat dat er veel zijn. We kunnen voor het eerst onze uitrit uit zonder te moeten wachten voor een eindeloze stoet toeristen die over de boulevard flaneren. Lees verder “Regen”

Schurken

‘O My God!’
De twintiger en de puber houden net als ik even de adem in. Zodra we het eind van de boulevard met zijn toeristenwinkeltjes met kaarten, foute T-shirts en rare hoedjes hebben bereikt zien we het majestueuze paviljoen oprijzen aan het eind van het strand. Het staat op een lange houten pier die vol is met mensen die net als wij een poging doen om het prachtige van het gebouw op de gevoelige plaat vast te leggen. Lees verder “Schurken”

Reddingsboei

‘Haha,’ grinnikt de twintiger, ‘ik heb een leuk filmpje!’
Aan zijn gezicht te zien is het iets waarbij ik er niet te best van af kom, dus dat ik ernaar uitkijk om te zien wat hij bedoelt kan ik niet zeggen.
‘Het heet: als je op vakantie gaat en je moeder print het hele internet uit!’ Lees verder “Reddingsboei”

Onderweg

De mensen voor ons in de rij hebben het theeglas dat ik eerder in de winkel heb afgekeurd omdat het écht te lelijk was, in het groot ingekocht. Maar liefst twee dozen hebben ze in hun winkelwagentje geladen. We zijn bij de Ikea, traditiegetrouw onze stop onderweg en nog steeds de beste reishack die we ooit hebben bedacht. Goede toiletten en betere snacks dan in de tankstations langs de snelweg. Werknemers van de Lidl hebben de lunchplek ook ontdekt. Ze zitten in hun bedrijfskleding aan de tafel naast ons. Altijd nog beter dan de man die in een geel gestreept shirt met zijn gezin langsloopt. Alleen het blauwe “Hej” achterop ontbreekt, maar anders kon hij zo voor een Ikeamedewerker doorgaan. Niet de handigste kledingkeus. ‘Dat zou jij ook zo doen!’ krijg ik te horen en het tegenwoordig alom gebruikte: ‘Mama be like…’ Lees verder “Onderweg”

Schilderen

Eén van de voordelen van schilderen (of in mijn geval: beitsen) is dat je alle tijd hebt om na te denken. Gewoon de hele dag een beetje mijmeren, terwijl je onderwijl je werk doet. Misschien is dat wel de reden dat mijn oud-collega een eigen schildersbedrijf is begonnen. Ik moet het hem toch eens vragen.  Het is ook meteen één van de grote nadelen, merk ik al snel als ik aan het beitsen van de tuintafel, die een van de buren over had, begin. Lees verder “Schilderen”

Preloved

Bij ons thuis kwamen tweedehands kleren er niet in. O, er werd heus wel eens een spijkerbroek doorgeschoven van mijn broer naar mij en ik kan me herinneren dat ik kleren van een nichtje kreeg, maar echt tweedehands, dat was mijn ouders te armoedig. Liever goedkoop nieuw dan kleren die van een ander waren geweest. Ik kan nog de schaamte voelen van moeten passen in een goedkope winkel waar geen paskamers aanwezig waren.
‘Niemand die het ziet,’ zei mijn moeder, ‘ze letten heus niet op jouw onderbroek!’
Precies wat je niet wilt horen als je jezelf zo klein mogelijk maakt tussen twee kledingrekken. Lees verder “Preloved”

Zwart randje

Achttien jaar geleden stond ik kleren te passen voor mijn vaders begrafenis. Het was mijn liefs verjaardag. De verkoopster vroeg of het voor een speciale gelegenheid was en ik moest huilen in het pashokje. Lees verder “Zwart randje”

Jarig

Een megalomaan plan, noemt een collega het, als ik vertel dat ik een jaar lang jarig wil zijn. Ik lach erom. Het gaat er niet om mezelf belangrijker te maken dan ik ben, ik wil alleen het jarig zijn “terug”. Ik wil dat mijn verjaardag weer leuk is, iets om naar uit te kijken. Niet een dag die ik maar liever mijd omdat hij teveel herinneringen en gevoel van verlies met zich meebrengt.
En dus wil ik dit jaar allemaal leuke dingen doen, een jaar lang kunnen uitkijken naar ervaringen met mensen die me lief zijn. Ik wil JARIG zijn! Lees verder “Jarig”

Beren en dansen

Ik kan dingen.
Aan de meeste dingen heb je niet zoveel, ikzelf soms nog in het minst.
Ik kan verdwalen op een vierkante centimeter. De centimeter waar ik mijn halve leven woon of waar ik jaren gewoond heb. Ik kan me zorgen maken die ik groter en groter laat groeien tot ze bijna niet meer in mijn hoofd passen. Ik kan beren op de weg zien, die onzichtbaar zijn voor alle anderen. Lees verder “Beren en dansen”