hitte

Als er iets nivellerend is, dan is het wel hitte. Je zou zeggen dat het campingleven op zichzelf al een eind maakt aan standsverschillen, maar niets is minder waar. De één heeft een nog grotere en nog luxere caravan dan de ander en daarmee ook een nog grotere en luxere auto nodig om hem te trekken. En hoe cool het ongebonden leven van rondtrekken met zo goed als niets ook is, sommige tentjes blijven hoog scoren op de sneuheidsmeter.

De hitte trekt alles gelijk. Het is niet beter toeven in een grote kar dan in een krap tentje. En ook in de klassebak heeft de airco tijd nodig om het koel te krijgen.
Alles wat je nu nodig hebt is een boom met schaduw en je voeten in het water.

Het scheelt ook veel keuzestress, deze onmenselijke temperatuur. We hoeven niet na te denken over wat we gaan doen, voeren geen discussies over de voor- en nadelen van een klimpark/kasteelbezoek/attractiepark/dierentuin. Het enige wat iedereen wil is te water. We lopen het kippeneindje naar het zwembad dagelijks twee keer en verschaffen ons met de toeristenarmbandjes die we bij aankomst kregen toegang tot het paradijs. De enige beslissing die we moeten nemen is welk boek we meenemen, maar met de vracht aan bieb-boeken op mijn e-reader is ook dat dilemma te verwaarlozen.
Verder doen we zo goed als niets. Ijsje eten, een lunch met stokbrood en Franse kaasjes, een verkoelende koude douche.  Hoog tijd om weer naar het zwembad te gaan. De Italianen hebben er een prachtige uitdrukking voor. “Dolce far niente”. Het is de ultieme manier om de gestreste Westerlingen een stapje langzamer te laten gaan, rijk of arm, puber of bejaarde. We zitten met zijn allen in hetzelfde schuitje en dat is te zien in de blikken die we met elkaar uitwisselen als we elkaar tegenkomen. Als we beter Frans spraken zouden we waarschijnlijk binnen de kortste keren in een typisch Nederlandse conversatie verwikkeld raken.
‘Weertje hè?’
‘Nou, poeh poeh’
‘Heet!”

Nu glimlachen we elkaar alleen meewarig en knikken elkaar toe.

We zijn allemaal gelijk. Tot vrijdag tenminste, als we de weersvoorspellingen mogen geloven.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.