Veilig

Toen ik klein was werd, zodra het buiten koud werd, ons winterdekbed tevoorschijn gehaald. Het was een loodzwaar ding, met echte veren erin, die soms door het tijk heenprikten, zodat je de pennen van de veertjes kon voelen. Iedere ochtend bleek rond je voeten een enorme berg dekbed te zijn ontstaan en lag je met je bovenlijf alleen onder de nagenoeg lege hoes. Het opschudden was een enorme klus. Vaak vonden mijn ouders dat we dat als kinderen maar zelf moesten doen, maar als zij het deden was het resultaat altijd beter.
In november, als het zo kon stormen, lag ik in mijn bed te luisteren naar de wind die om het huizenblok heen raasde, omringd door die veren, en met het vertrouwde gevoel van het gewicht op mij. En ik wist dat ik veilig was. Buiten, nee daar moest je je niet wagen. Maar ik was binnen, thuis, in het huis dat zijn warme armen om me heen had geslagen en me beschermde tegen alles wat daar buiten allemaal mis kon zijn.

In de zomer was het anders, dan hoorde je buiten het gezellige geroezemoes van je ouders en de buren die allemaal zo lang mogelijk buiten in de tuin zaten en die dingen bespraken die je net niet goed genoeg kon horen. Dan was buiten the place to be, waar van alles gebeurde, waar het leven zich afspeelde terwijl jij binnen je tijd lag te verdoen omdat je ouders nou eenmaal vonden dat je moest gaan slapen.
Pas als ik de wind hoorde huilen, en aan de deuren en ramen hoorde rammelen, wist ik hoe geborgenheid voelde. Het was het fijnste gevoel van de herfst, fijner nog dan door de plassen stampen of droge knisperende bladeren voor je uit schoppen.

Dit keer had de storm een ander gevoel. Ik had net een luisterboek uit waarin de wind als de boodschapper van verandering werd neergezet, misschien hielp dat niet mee. Het NL alert dat met zijn penetrante toon alle mobiele telefoons in huis wist te bereiken deed dat zeker niet. Het zorgde er gelukkig wel voor de pubers binnen te houden, die “even buiten wilden gaan kijken”, met rode wangen en glinsterende ogen van verwachting. Dat was een pluspunt.
Maar verder waren lichtpuntjes ver te zoeken. Ik probeerde mezelf ervan te overtuigen dat we veilig waren, samen. Met het incomplete huishouden dat we zijn wilde zelfs dat gevoel niet echt komen.

Toen we de klap hoorden van zonnepanelen die los werden geslagen, en van de overburen het bericht kregen dat er ook een paar dakpannen los lagen, was zelfs het huis geen veilige haven meer.

Ik dacht terug aan die keer in de jaren zeventig, toen het zo hard ijzelde dat de coniferen waren omgeslagen en vastgevroren aan het pad naar de garage. De tv-antenne die aan ons huis zat en die de tv-ontvangst voor de hele buurt verzorgde stortte met donderend geraas naar beneden om aan een paar wiebelige snoeren te blijven hangen. Geheel tegen de gewoonte van mijn ouders stond de hele dag de radio aan, en hoorden we op radio Noord dat de sjoelcompetitie in Nieuw Buinen was afgelast, en wat er allemaal nog meer niet doorging, en dat we vooral binnen moesten blijven en er niet op uit moesten gaan, tenzij het echt echt echt niet anders kon. “Het lijkt wel oorlog’, zeiden we tegen elkaar en ik, als naïeve zeven- of achtjarige, dacht dat dat echt zo moest voelen. Oorlog.

Na de storm was het een kwestie van de stand van zaken opmaken, de schade in ogenschouw nemen, regelingen treffen om dingen op te lossen. Het was voorbij, we waren er relatief goed van afgekomen; we hadden elkaar nog en waren ongedeerd. Maar het echt veilige gevoel wilde nog maar niet komen.

En toen die oorlog, zo dichtbij. Zo groot in beeld, zo beangstigend. Veiligheid leek ineens een luxeproduct dat al heel lang was uitverkocht. In bed, onder mijn comfortabele vierseizoenendekbed, verlangde ik ineens naar dat ouderwetse zware dekbed, dat ik zou opschudden tot overal een laagje veren was waaronder ik me kon verstoppen voor de wereld daarbuiten. En dan het geluid van de wind om het huis erbij. Geen harde wind, geen storm. Een briesje.

 

2 antwoorden op “Veilig”

    1. Nou wat heb je het weer mooi onder woorden kunnen brengen. En ik denk dat de halve wereld nu wel bij jou onder dat veilige dikke warme geborgenheid biedende dekbed wil liggen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.