Ketel

Er was iets met de verwarmingsketel en meteen deed het gemis van mijn lief zich weer voelen. Hij was degene die met de monteurs kon praten, en ze zelfs leek te begrijpen. Ik ben als een laaggeletterde in een universiteitsbieb. Ik vang de klanken op van hun stem, maar kan van wat ze zeggen op geen enkele manier chocola maken.

Monteurs van de gaswacht praten tegen mij in raadsels, met beweringen die elkaar lijken tegen te spreken en die, hoe meer ik probeer ze te doorgronden, ongrijpbaarder worden en als zand tussen mijn vingers glippen. Ze hebben formulieren met getallen die nergens aan refereren, en eenheden die zelfbedacht lijken en die kennelijk dienen te klinken alsof er een haarbal vastzit in je keel. Ze zetten strepen op die papieren, en omcirkelen waar het om gaat, alsof dat ook maar enige duidelijkheid verschaft, en altijd, altijd met een blauwe klikpen, het meest inferieure neefje in de Bic-familie.

Het enige dat ik nog van de vorige monteur weet is hoe leuk hij huiskat K vond. Hij legde zijn enorme hand op K’s kop voor een aai die meer op een schrobbering leek en bleef lachen, hoe erg K ook met zijn nagels naar hem uithaalde en hem beet waar hij kon. Hij zal ongetwijfeld verstandige dingen hebben gezegd, maar die zijn totaal langs mij heen gegaan.

De monteur van vandaag heeft een brede grijns en guitige pretoogjes. Nog voor ik kan uitleggen wat er aan de hand is vertelt hij dat hij in het systeem heeft gezien wat twee jaar geleden de klacht was, dat hij voor negentig procent zeker weet wat er nu stuk is en wat de kosten van de reparatie zijn als hij daarin gelijk heeft. Hij klinkt alsof hij een weddenschap met zichzelf is aangegaan en hij kan niet wachten om te zien wie er gewonnen heeft.
Binnen tien minuten is hij terug.
Hij had gelijk en het valt allemaal alleszins mee. Alleen is de ketel oud en moet er misschien toch maar op korte termijn een nieuwe komen.

Daar komen papieren op tafel. Mooie glossys van stevig papier van de verschillende soorten ketels waarover hij kan adviseren. Hij werkt transparant en ik mag alle specificaties vergelijken. Hij knikt me vertrouwenwekkend toe, nog steeds met pretoogjes.
Ik hoor iets klikken, het is zijn blauwe rot-bicpen. Hij trekt een rondje om een paar getallen.
Toe maar, kijk maar.
Ik kijk. Ik zie niets. Niets dat ik zelfs maar in de verste verte kan begrijpen.
Hij merkt de leegte in mijn ogen op.
‘Kijk,’ legt hij uit. ‘Als je een auto hebt en ermee naar de supermarkt rijdt, dan kan het een 1.6 motor zijn of een 1.8 of een 2 liter die een caravan kan trekken.’
De vergelijking is niet de meest gelukkige. Ik kan autorijden maar bij het verschil tussen een 1.6 of een 1.8 motor heb ik niet meteen een duidelijke voorstelling. Toch begint er iets te dagen.
‘Dus de ene auto rijdt lekker, trekt snel op bij het stoplicht en kan een caravan trekken. En de andere rijdt nét zo lekker, is nét zo snel, maar kan die caravan niet aan. Maar ik hou toch niet van kamperen en ik heb geeneens een trekhaak.’
Hij glundert bij mijn begrip. ‘Het is natuurlijk wel een beetje in jip-en-janneketaal,’ vindt hij.
Jij begon, wil ik zeggen, maar ja, die pretoogjes.

Bijna laat ik stiekem een echte bic-pen in zijn tas glijden.

 

2 antwoorden op “Ketel”

  1. Ha ha. Oei. Misschien moet hij er een blog of vlog van maken? Gewoon nog even wachten met vervangen zou ik denken.
    Hij kreeg m weer aan de praat toch? Lijkt me net zo’n persoonlijke weddenschap dat m dat lukt. En dan het liefst dat ie langer meegaat dan dat zijn collega’s dat voor elkaar krijgen. Succes

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.